
Zelfkennis en toch beïnvloedbaar?
Al enkele jaren werkte ik regelmatig voor de politie als docent praktijk-
Twee vrouwen voerden de gesprekken.
Ze lieten me binnen en ik nam plaats op één van de lege stoelen. “Nee, dat is mijn
plek, je gaat toch niet zo maar ergens zitten!” zei één van de vrouwen streng en
ik verplaatste me snel naar de stoel die ze me aanwees. De opdracht was een videoband
mee te nemen met een opname terwijl ik een training aan het geven was. Op het moment
dat ik het hoorde had ik er net geen voorhanden, maar ik mocht tijdens een training
van een collega een oefening doen zodat ik toch wat kon laten zien. Het was niet
het beste wat ik te bieden had maar het kon er mee door.
Tijdens het assessment kreeg ik de volgende vraag: “Kun je een voorbeeld geven uit
je praktijk?” Nou breek me de bek niet open, ik heb wel honderd verhalen. Ik koos
het verhaal van de tien politiemannen* -
Een week later werd ik tijdens de pauze van een politietraining door één van de vrouwen gebeld. Zij vertelde mij dat zij twijfels hadden over mijn capaciteiten en vroegen zich af hoe ik mijn werk kon doen.” Je hebt zo’n negatieve en zware uitstraling. Pikken je trainees dat? Hoe gaan die er mee om?”
Nog steeds verbijsterd kwam ik na de pauze de zaal in en vertelde het aan mijn trainees die verbaasd reageerden. “ Jij een negatieve uitstraling? Hoe komen ze daar nou bij?”
Ik krijg juist eerder van mijn vrienden te horen dat ze me te licht en te positief vinden en zelf had een vrij positief en vrolijk zelfbeeld ontwikkeld. Vooral de laatste twintig jaar na mijn ontdekking van “Bewustzijn, Gedachtenkracht en Ademhaling”.
Ik dacht, dit ga ik eens even constructief aanpakken, waarop ik de vrouwen terugbelde
met het voorstel nog eens af te spreken. “Ach”, was de reactie, “wat neem je het
ontzettend zwaar. Bovendien weet ik niet of dat nog een ander beeld geeft.” Potverdorie,
nou zette ze me weer in die zware hoek. Hetgeen ik nou net niet wilde gebeurde: ik
begon te malen. Wat had ik gezegd? Lag het aan die stoel waar ik op ging zitten?
Of dat ik mijn verhaal niet tot het einde kon vertellen, zodat ik bleef steken in
het gedeelte dat ik nog moeilijk deed. Terwijl ik zo piekerde werd ik zwaarder en
zwaarder. Mijn vriendin had me nog nooit zo meegemaakt. Nogmaals belde ik om een
afspraak te maken en ja, dit keer stemden ze toe.
Aangekomen in Apeldoorn, voor de
deur van het imposante politiekasteel, mediteerde ik in de auto. Ik sprak mezelf
toe: Rustig ademen en gewoon mezelf zijn. Ik ga er vanuit dat dit een mooi gesprek
gaat worden.
En zie… het werd een prettig open gesprek en met één van hen werd het
zelfs een afscheid met een kus. Na die dag hebben we nog een tijd zeer prettig samen
gewerkt.
Tijdens één van mijn trainingen hadden we het over hoe je iemand met woorden kunt
maken of breken. Vervolgens stelde ik aan één van hen de hypothetische vraag: “Stel
dat ik nu tegen jou zou zeggen: Wat zie jij bleek… voel je je wel goed?" De jongen
reageerde laconiek: “Daar zou je mij niet mee hebben. Zoiets zou op mij totaal geen
invloed hebben”.
Tijdens de pauze kwam hij naar me toe en zei dat hij naar huis ging.
Hij voelde zich zo beroerd.
Nou kan het toeval zijn… in ieder geval heb ik ervan geleerd zoiets nooit meer te zeggen.
©Marja Ruijterman
Naar het boek Gedachtenkracht bundel van de eerder verzamelde columns.
Naar mijn andere columns, klik hier!
en/of reageren ...

Wil je me volgen: